5 manieren van zelfsabotage

Wat is zelfsabotage?

Ken je dat gevoel? Dat je iets zou móeten doen, maar dat je dan van alles gaat bedenken om het maar vooral níet te moeten doen. SOGging noemden we dat toen we nog studeerden: Studie Ontwijkend Gedrag. Maar zelfsabotage stopt niet als je klaar bent met studeren. Helaas. Want ook nu dompelen we ons nog steeds onder in gewoontes waarmee we onze eigen ruiten ingooien. Dat je ineens staat te poetsen, terwijl je toch echt tegen een enorme deadline aanloopt. Terwijl je ondertussen wanhopig uitroept: “Waarom doe ik mezelf dit toch steeds aan?!”

Waarom doen we dat nou toch? Daar gaat dit artikel over. Zelfsabotage zijn ál die uitingen van gedrag die ervoor zorgen dat we, in plaats van richting ons doel te werken, juist zo hard mogelijk de andere kant op rennen. En dat doen we soms omdat we bang zijn voor ons succes en voor de veranderingen die dat met zich mee brengt, maar veel vaker doen we dat omdat we heel graag dat succes willen en er ook best veel tijd en energie en aandacht en moeite in willen steken, maar onze grootste angst is dan dat we al die tijd, energie, aandacht en moeite erin hebben gestoken en dan alsnog falen….

5 manieren van zelfsabotage

1. Je zelfwaarde – Je vindt dat je niks waard bent, niks leuks of goeds verdient en je begrijpt al helemaal niet waarom andere mensen je aardig of leuk vinden. Wanneer je hiervan overtuigd bent, zal je je hier ook naar gaan gedragen. En zo stoot je alles en iedereen die het goed met jou voorheeft van je af. Bovendien trek je alles en iedereen die het niet goed met je voorheeft aan. Waardoor jij aan het einde van de dag toch weer tot de conclusie komt dat je niks waard bent en al helemaal niets goeds verdient.

2. Het oplichterssyndroom – Je bent bij elke stap die je zet bang om door de mand te vallen. Je hebt een universitaire studie, járen werkervaring en je wordt door anderen gezien als DE expert in jouw gebied. En toch denk je bij elke volgende klus die je oppakt ” Zie je! Straks ontdekken ze dat ik eigenlijk helemaal niks kan!”. En wat is er dan verleidelijker dan naar Facebook gaan en kattenfilmpjes kijken? Want daar is iedereen goed in!

3. Vooroordelen – In elke nieuwe situatie heb jij je oordeel al klaar. Handig natuurlijk, want dan hoef je nergens meer aan te twijfelen. Maar het is vooral een uiting van zelfsabotage, want als je al die open deuren al zo goed kent, waarom doe je er dan niks mee? Vooroordelen zorgen er vooral voor dat je feiten en informatie zoekt (en vindt!) die jouw beeld verder versterken. Ons menselijk brein is daar een kampioen in. De feiten en informatie die misschien wel veel meer waar zijn, zie je dan volledig over het hoofd. En dat zorgt er dan weer voor dat je geen optimale besluiten kunt nemen.

4.  Overanalyseren – Je wikt en je weegt tot je een ons weegt. Elke gebeurtenis, wat schrijf ik, elke seconde van een gebeurtenis, wordt tot in den treure afgewogen en ontleed. Je bent vast bekend met de kwaliteitscirkel van Deming, je weet wel plan, do, check, act, waarin een grote rol voor evaluatie is weggelegd. Maar wat Deming bedoelde was niet dat je voor ALTIJD in de evaluatie-fase bleef, hij wilde dat je daarna handelde met de informatie die de evaluatie je opleverde….

5. Verveling – Angst voor succes kan een drijfveer zijn voor zelfsabotage, veel vaker, echter, is het angst voor falen. Falen terwijl je energie en tijd in het behalen van succes hebt gestoken. En dus kan je val álles bedenken om te doen, maar doe je niks: verveling slaat toe!

Eerder schreef ik al over perfectionisme, óók zo’n zelfsaboteur. Benieuwd hoe dat werkt? Je leest het hier. 

Herken jij jezelf in een van de bovenstaande gedragingen? Wat doe jij om dit op te lossen?

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *